menu denk mee beslis mee maak mee

Berg 4 Marije

 

Vandaag schreef ik vanuit De Nomads, een kunstenaarsverblijf. Ik zit daar deze week om aan een nieuwe voorstelling te werken. Ik begon mijn verblijf met het afmaken van de tekst voor project Berg. Dank jullie wel voor alle suggesties voor een titel.

 

 

Verberg

Boven op de berg.
Waar je op de bomen neerkijkt.
De bladeren hoort fluisteren
op de adem van de wind.
Daar,
op het topje,
bouw ik een huis van boeken.
Stapels literatuur vormen de muren.
Kaften de luiken van ramen.
Een opengeslagen boek als dak.

Hier maak ik verse voetstappen in het gras.
Hier rol ik zo hard ik kan de berg af.
Slinger ik aan takken.
Rol ik met stenen.
Laat ik spelonken fluiten.
Ik loei en brul met de wind.

Hier ben ik niet alleen als ik huil in de regen.
Regenwormen kronkelen om mijn voeten.
Ik druppel verdriet op hun kale koppen.
Zij dansen in mijn leed.

Ik ben ongevuld.
De berg heeft mijn geraas opgeslokt.
De ruimte om mij heen laat mij ademen.

Ik bouw verder aan mijn huis van boeken.
De enige manier om binnen te komen
is door het gat onderin. 
Schuivend op mijn buik
glijd ik onder de letters door naar binnen.
Aan een waslijn hang ik zinnen te drogen
die op mij inwerken.
Onder mijn kussen stop ik verhalen
waar ik op broed.
Ik douche met woorden
die je in één adem uitblaast.

Op een lege plank in de woonkamer
zet ik mijn weckpotten neer.
Met daarin dat wat geweest is.
Ik kijk ernaar.
Dat wat erin zit,
blijft gevangen in glas.
De beer die op mijn pad kwam.
Mij met zijn grote, warme poten verwarmde.
Het konijn met zijn romige stampot
die zorgde dat de honger mij niet greep.
De olifant die mij optilde,
boven mijzelf liet uitstijgen.
De luiaard die met zijn lange nagels
door mijn haren streek
tot mijn ogen dichtvielen
en mijn dromen de werkelijkheid overnamen.

Moe ga ik liggen.
Op de vloer.
Tussen duizenden woorden.
Schaduwen van letters dansen op mijn lijf.
Maken mij loom en sloom.
Ik proef woorden waar ik de smaak niet van ken.
Murmel verhalen waar ik op moet kauwen.
Laat klanken ontsnappen en wegwaaien.
De lucht in.
De berg om.

 

Tekst: Marije Uijtdehaage